Loonkostenvoordeel (LKV) en lage inkomensvoordeel (LIV) vanaf 2018

In de Wet tegemoetkomingen loondomein (WTL) is geregeld dat het huidige stelsel van premiekortingen (mobiliteitsbonus) in de loonaangifte op 1 januari 2018 eindigt. Dan wordt het nieuwe systeem van loonkostenvoordelen (LKV) van kracht. Dit loonkostenvoordeel houdt in dat de organisatie na afloop van het kalenderjaar een tegemoetkoming krijgt. Deze bedraagt per werknemer drie jaar lang maximaal € 6.000 per jaar.

Naast het LKV is in de Wet tegemoetkoming loondomein (WTL) het zogenoemde lage-inkomensvoordeel (LIV) geregeld. Dit is een loonkostenvoordeel wanneer een werkgever werknemers in dienst heeft met een relatief laag loon (tot 125% van het minimumloon). De werkgever houdt daarmee zijn loonkosten lager zonder dat de werknemer loon inlevert.

Onlangs heeft de Belastingdienst een nieuwsbrief uitgebracht met meer informatie over het LKV. Ook wordt hierin een jeugd-LIV geïntroduceerd.

Lees meer…

Sfeerimpressie VeReFi Zomermarkt 28 en 29 juni

Het weer was niet helemaal zomers, maar dat mocht de pret niet drukken: het was evengoed een fantastische zomermarkt. Twee dagen met verrassende workshops over Psyche en Verzuim, waarbij we onder meer inzicht hebben gekregen in eigenaarschap, hoe je omgaat met verschillende type mensen en met de (on)mogelijkheden van mensen die dreigen uit te vallen wegens psychische problemen, de werking van het brein, hoe je spoor 2 tot een succes maakt, een goede begeleiding van mensen met kanker, obsoletie en nog veel meer. Twee dagen om kennis te delen en op te doen, en natuurlijk om bij te praten met oude bekenden of juist nieuwe mensen te ontmoeten. Wij danken onze sprekers: Desiree Wierper, Machteld List, Theo Stokking, Vincent Kortleve, Mirelle Klijs, Marc van Lokven, Ruud de Leede, Bas Verwijlen, Ragna van Hummel, Frans Wijngaarden, Bastiaan Stolk en Albert-Jan Vink. En natuurlijk iedereen die aan de workshops deelgenomen heeft.
Heel veel dank voor ieders enthousiasme en graag tot de volgende keer!
Lees meer…

Sfeerimpressie VeReFi Congres 11 april 2017

Wat hebben we genoten van het VeReFi Congres ‘Denken in mogelijkheden’ op 11 april. Van Inge Diepman die op haar eigen humoristische wijze de ochtend leidde, van Paul Smit die ons liet inzien dat veranderen voor mensen heel erg moeilijk is, van Jurriaan Penders die liet zien dat investeren in preventie echt nodig is, van Jeroen Breen die de rokers er fijntjes op wees dat elke sigaret je leven met 14 minuten verkort en dat 2/3 van onze kinderen later een beroep zal hebben dat nu nog niet bestaat, van Alexander Jansen die uitleg gaf over de beleidsregels van de AP,  van Marc van Lokven die mensen met testjes liet ervaren dat je je hersenfitheid kunt trainen, van Ruud de Quay die aangaf dat niet te snel in exit gedacht moet worden, omdat de rechters niet kinderachtig zijn als werkgevers er een potje van maken, van Frans van den Nieuwenhof die uitlegde waarom Taakdelegatie een andere tak van sport is, van Simon Troost die ons meenam in de nieuwe Arbowet en van Andre Fenneman die ons alles vertelde over de Werkwijzer Poortwachter.

Alle sprekers, deelnemers en hulptroepen: ongelofelijk bedankt voor jullie enthousiasme en graag tot de volgende keer!

Hartelijke groet, Marjol Nikkels en Herwin Schrijver

 

 

Positionering casemanagement: kwaliteitsborging en scheiding rollen belangrijker dan ooit

Begin 2016 presenteerde de Autoriteit Persoonsgegevens haar vereenvoudigde beleidsregels op basis van het document ‘Beleidsregels voor de verwerking van persoonsgegevens over de gezondheid van zieke werknemers’ om de bestaande spelregels voor een breder publiek meer toegankelijk te maken. Naast het realiseren van meer inzicht in de spelregels is de sanctiemogelijkheid van de AP toegenomen tot ruim € 800.000,-.

Sinds die tijd zijn er tal van reacties en stromingen de revue gepasseerd die zich vooral bezighouden met het ontkennen of ombuigen van de beleidsregels. Aangezien CS Opleidingen en VeReFi BV steeds vaker vragen van werkgevers en casemanagers krijgen wat er nu wel en niet is toegestaan, informeren wij u graag met deze ‘position paper’. Daarbij is het van belang verschil te maken in de verschillende soorten en combinaties van casemanagement en de spelregels die daarbij van belang zijn.

VeReFi KennisKring neemt initiatief voor nieuw broodfonds

Kom naar de informatieavond op 20 maart 2017!

In ons specialisme zijn veel zelfstandigen aan het werk, die zelf voor de eigen arbeidsongeschiktheid niets geregeld hebben. Een complete AOV is immers relatief kostbaar en kent veel voorwaarden en uitsluitingen. Daarom neemt de VeReFi KennisKring het initiatief tot het oprichten van een broodfonds voor professionals sociale zekerheid. Een broodfonds is een gezamenlijk fonds waarbij gelijkgestemden sparen voor het geval een lid van het fonds ziek wordt en hulp nodig heeft.

Lees meer…

11 april 2017: VeReFi Congres ‘Denken in mogelijkheden’

’Denken in mogelijkheden’ is het motto van wie werkzaam is in het complexe vakgebied sociale zekerheid. Niet uitgaan van wat een zieke werknemer allemaal niet kan, maar wat hij wel kan en daarop actief sturen. Ondanks de obstakels waarmee we ons geconfronteerd zien, is het nog altijd mogelijk positief te sturen op inzetbaarheid. Waar liggen kansen? Op dat vraagstuk gaan we in op het Congres ‘Denken in mogelijkheden’. Een afwisselend programma met plenaire sessies en workshops, dat u niet mag missen!

Lees meer…

Gratis download: Privacy-wijzer ‘De zieke werknemer’

CS Opleidingen en VeReFi hebben een handige privacy-wijzer ontwikkeld op basis van de beleidsregels ‘de zieke werknemer’ van de Autoriteit Persoonsgegevens. In een oogopslag ziet u welke gegevens werkgevers, casemanagers, bedrijfsartsen en re-integratiebedrijven over de gezondheid van (zieke) werknemers mogen verwerken. Deze normen zijn het uitgangspunt voor de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) bij het toepassen van handhavende maatregelen, dus belangrijk om te weten.

Vraag hier uw gratis download aan

Parameters Werkhervattingskas 2017 bekend

Het Besluit gedifferentieerde premie Werkhervattingskas 2017 is gepubliceerd in de Staatscourant van 1 september 2016.

Voor het premiejaar 2017 is de WGA-flex en WGA-vast premie in een WGA-totaalpremie samengevoegd. De flexwerknemers vallen vanaf 2017 ook onder het eigenrisicodragerschap voor de WGA. Tenminste, de flexwerkers die ziek worden na 1 januari 2017. Alle staartlasten WGA-flex blijven immers bij het UWV achter. Zie hiervoor de laatste verefi whitepaper Bezava en Wet verbetering hybride markt.

Per 1 januari 2014 zijn de grote en middelgrote werkgever individueel financieel verantwoordelijk voor zieke flex-medewerkers. In 2014, 2015 en 2016 bestaat de gedifferentieerde premie Werkhervattingskas (Whk) uit drie onderdelen:

  • Gedifferentieerde premie WGA-vast (voor vaste dienstbetrekkingen)
  • Gedifferentieerde premie WGA-flex (voor flexibele dienstbetrekkingen)
  • Gedifferentieerde premie ZW-flex (voor flexibele dienstbetrekkingen)

Vanaf 2017 bestaat de gedifferentieerde premie Werkhervattingskas (Whk) vast uit twee onderdelen:

  • Gedifferentieerde premie WGA-totaal
  • Gedifferentieerde premie ZW-flex

Als een werkgever eigenrisicodrager is voor de WGA, is de gedifferentieerde premie WGA-totaal niet van toepassing oftewel nihil. Is een bedrijf eigenrisicodrager voor de Ziektewet, dan geldt dat de gedifferentieerde premie ZW-flex nihil is. Tot en met 2016 moesten eigenrisicodragers voor de WGA wel de gedifferentieerde premie WGA-flex betalen. Die gold voor alle werkgevers.

Indeling werkgevers: klein, middelgroot en groot voor 2017

Voor kleine bedrijven geldt er sinds 2014 een sectorale gedifferentieerde premie, ze worden dus afgerekend op het risico van de totale sector. De sectorale premies vindt u in de staatscourant. Waar liggen de grenzen tussen klein, middelgroot en groot bij het premiejaar 2017?

  • Kleine werkgevers (met een loonsom die gelijk of minder is dan 10 keer het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer) betalen een premie op sectorniveau. Zij krijgen dus geen individuele toerekening van de eigen schade. Kleine bedrijven zijn bedrijven die in 2015 een loonsom kleiner of gelijk hadden aan € 322.000,-.
  • Middelgrote werkgevers (met een loonsom van meer dan 10 en gelijk of minder dan 100 keer het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer) betalen een gewogen gemiddelde van sectorpremie en individuele premie. Hoe groter het bedrijf, hoe groter de individuele toerekening. De grens middelgroot ligt voor 2017 tussen € 322.000,- tot en met € 3.220.000,- (kijkend naar de premieplichtige loonsom van 2015).
  • Grote werkgevers (meer dan 100 keer het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer) betalen een premie op individueel niveau. Grote bedrijven zijn bedrijven met premieplichtig loon > € 3.220.000,-.

Nieuwe parameters 2017 in vergelijking met 2016

De eerste twee kolommen geven de nieuwe parameters weer voor 2017. In de nieuwe whitepaper Parameters Werkhervattingskas 2017 geven we rekenvoorbeelden met deze nieuwe parameters.

  WGA totaal 2017 ZW-flex 2017 WGA-vast 2016 WGA-flex 2016 ZW-flex 2016
Rekenpercentage 0,76% 0,40% 0,48% 0,25% 0,39%
Gemiddelde percentage 0,74% 0,35% 0,47% 0,24% 0,36%
Maximumpremie 2,96% 1,4% 1,88% 0,96% 1,44%
Minimumpremie 0,18% 0,08% 0,11% 0,06% 0,09%
Gemiddelde werkgeversrisicopercentage 0,39% 0,22% 0,27% 0,09% 0,23%
Correctiefactor 1,47 1,42 1,34 2 1,30

De maximumpremie is 4 maal de gemiddelde premie en de minimumpremie is 0,25 van de gemiddelde premie. De gemiddelde premie is genomen over alle publiek verzekerde werknemers.

Bij het UWV is de gemiddelde premie WGA-vast premie relatief laag. Dit was al zichtbaar in 2016. Dit komt vanwege de groep grote werkgevers die vanuit het private bestel weer zijn teruggekeerd naar het UWV. Alle bedrijven die eerder eigenrisicodrager voor de WGA waren en die op of voor 1 juli 2015 naar het UWV waren teruggekeerd, hebben nog het voordeel dat ze voor het WGA-vast risico op de minimumpremie zijn ingedeeld. Ze hoeven niet te betalen voor de schades die bij de private verzekeraar verzekerd waren. Zijn bedrijven op of na 1 januari 2016 teruggekeerd dan wordt bij terugkeer een gedifferentieerde premie berekend op basis van de eigen historische instroom. Dit is nieuw en geregeld in de Wet verbetering hybride markt.

WGA Eigenrisicodragerstool en Beslisboom Wet verbetering hybride markt WGA

Voor de houders van een VeReFi Volledig Abonnement staat op www.verefi.nl onder ’Rekentools’ de WGA Eigenrisicodragerstool die rekening houdt met de Wet verbetering hybride markt WGA. Het inlooprisico blijft vanaf 2017 als staartlast achter bij het UWV voor bedrijven die overstappen van publiek naar privaat. Voor bedrijven die reeds eigenrisicodrager zijn en teruggaan naar het UWV geldt dat bij het UWV een premie geldt op basis van de historische schade. Is het bedrijf al teruggegaan op of voor 1 juli 2015, dan geldt dat de schade WGA-vast niet meetelt bij de premievaststelling voor het UWV. Eventuele WGA-flex instroom telt wel mee bij de premie van het UWV.

Verder kunt u met de tool Beslisboom Wet verbetering hybride markt WGA vinden welke situatie voor u van toepassing is. Er is veel verwarring in de markt over de impact en gevolgen van deze wet. Met de beslisboom krijgt u duidelijkheid wat voor u van toepassing is en een richting wat u mogelijk kunt doen t.a.v. het eigenrisicodragerschap WGA of juist blijven of terugkeren naar het UWV.

Nieuwe versie WGA Eigenrisicodragerstool online

Goed nieuws voor wie een VeReFi Volledig Abonnement heeft: de nieuwe versie van de WGA Eigenrisicodragerstool is beschikbaar op www.verefi.nl

Met deze tool maakt u inzichtelijk of WGA-eigenrisicodragerschap aantrekkelijk is voor uw bedrijf of relatie. De tool houdt rekening met de wetswijziging per 1 januari 2017. Ook is de optie ‘deels verzekeren’ ingebouwd. De tool is te vinden op www.verefi.nl onder de button ‘Rekentools en Apps’.