Dit is een oud nieuwsbericht. De inhoud kan inmiddels achterhaald zijn door recentere ontwikkelingen.
Uitgelichte opleidingen:

Overpeinzingen over een nieuw pensioenstelsel

Denkend aan Holland zie ik pensioenen door oneindig laagland wegstromen,
rijen ondenkbaar ijle beloften voor generaties verdampen in hooge pluimen…

Veel werknemers bouwen via de werkgever hun pensioen verplicht op bij een pensioenfonds. Het is de vraag of dat een goed idee is en nog bij deze tijd past. Inmiddels wil de politiek ook zzp’ers ‘beschermen’ met verplichte regelingen voor pensioen en arbeidsongeschiktheid. Ik denk dat dat anders kan.

Pensioen voor werknemers

Werknemers hebben niets te kiezen als het om hun pensioen gaat. Dus waarom nadenken over mooie investeringskansen in Nederlandse projecten zoals de Zorg, Bouw, Groene energie, Onderwijs, Innovatie en andere terreinen waar de Nederlandse overheid vooral over praat? Dus waarom kijken of jouw pensioenfonds wel goede rendementen haalt op jouw pensioengeld? Waarom kijken of de service aan de normen voldoet of ondermaats is? Waarom controleren of de kosten mogelijk aan de hoge kant zijn? Wat maakt het uit? De verplichte deelname zorgt er immers voor dat je niet weg kunt en maakt de pensioenfondsen lui en vet. En wat gebeurt er wanneer je een andere baan krijgt in een andere branche? Dan kom je mogelijk erachter dat je bij jouw nieuwe werkgever weer verplicht bent om jouw pensioengeld te stallen bij een verplicht pensioenfonds. Klinkt bijna communistisch dat er in 2017 nog steeds over je hoofd wordt beslist wat goed voor jou is en het ruikt ernstig naar de spuitjeslucht uit de jaren 60, 70 en 80 uit de vorige eeuw.

Hoe zou het anders kunnen?

We hebben allemaal een smartphone, note-book of pc met wifi. Als er ergens op de wereld nieuws is, weten we dat binnen 30 seconden en als we iets willen weten is het een kwestie van even op google kijken. Werknemers moeten een leven lang leren en langer werken, maar als het om hun oudedagvoorziening gaat worden ze als schoolkinderen behandeld. Hoe zou het anders kunnen? Laten we eens kijken naar Chili, een land dat beschikt over een innovatief pensioensysteem waarin de individuele werknemer wél zeggenschap heeft over de eigen pensioengelden! Laten we eens globaal naar 3 voordelen van dat systeem kijken die wellicht meer bij de gemiddelde Nederlandse werknemer en werkgever anno 2017 passen.

1) Je kiest zelf bij wie je jouw geld onderbrengt

In Chili kan de werknemer zelf kiezen tussen zes verschillende pensioenfondsen. En voor werkgevers is het ook lekker eenvoudig: maandelijks 10% van het salaris storten op de rekening van het pensioenfonds dat de werknemer heeft gekozen. De werknemer ontvangt 3x per jaar (dus elke 4 maanden) een overzicht van het eigen fonds. De werknemer kan de prestaties van het eigen fonds aflezen en vergelijken (één-op-één) met de andere vijf fondsen. In één oogopslag is te zien welk fonds het best heeft gescoord op rendement, kosten en kwaliteit. Niet tevreden? Dan stap je over naar een ander fonds, op ieder gewenst moment en zonder kosten! Hoe scherp houdt dat een pensioenfonds? Als extra maatregel zijn in sommige landen met een soortgelijk systeem recent mogelijkheden voor nieuwe toetreders van kracht geworden om de bestaande partijen te dwingen nog meer op de kosten te letten.

2) Je weet wat je hebt (en wat niet)

Het Nederlandse pensioensysteem is het product van overleg tussen werkgevers en vakbonden die al decennia bepalen wat goed is voor werknemers in een bepaalde branche. Resultaat? Een ondoordringbare jungle van regels, vage overgangsmaatregelen en bijzonder onduidelijke en boterzachte garanties. Niet transparant en je moet WFT-pensioenen gedaan hebben om nog te begrijpen waar je als werknemer straks recht op hebt. In Chili is dat anders, daar is het pensioen van een werknemer heel eenvoudig, helder en concreet: een individuele spaarrekening bij een zelf gekozen fonds. Ook de verzekeringen bij overlijden en arbeidsongeschiktheid zijn eenvoudig en transparant, met als groot voordeel dat de uitkering en de premie hiervoor bij alle zes pensioenfondsen precies gelijk zijn. Hoe leuk en eenvoudig kunnen we het maken?

3) Werknemers gaan zich weer individueel bij hun eigen pensioen betrokken voelen

Het pensioenbewustzijn in Nederland is nagenoeg nihil! Zeker in deze financieel onzekere tijden voor geldstromen op de lange termijn is, alle media-aandacht ten spijt, slechts ergens tussen de 10% en 15% van de werknemers goed op de hoogte van hun eigen toekomstig pensioen. Hierin is zeker verandering te brengen door werknemers zelf meer aan het stuur te zetten en weer zelf de regie te geven in een systeem dat voor iedereen te begrijpen is.

De voordelen van de vergelijking tussen het Chileense pensioenstelsel ten opzichte van het Nederlandse systeem op een rijtje:

  • Makkelijke systematiek: een bankrekening die een soort van de pensioenrekening is. Eenvoudig uit te leggen, transparant te maken en het sluit beter aan bij huidige
    spaarvormen. Kreten als ‘eindloon- of middelloonregeling, beschikbare premieregeling of pensioenaanspraak’ kunnen in de prullenbak.
  • De pensioenbank kan meerdere beleggingsstrategieën aanbieden die van defensief tot zeer risicovol kunnen worden ingeschaald en zo kan de werknemer zelf kiezen hoeveel risico hij wil lopen. Hoe meer risico, hoe hoger het rendement kan zijn. De kans op het verliezen van geld wordt ook groter.
  • De werknemer kan wanneer hij wil van bank veranderen. Zo worden de pensioenbanken gedwongen om hun best te doen om werknemers aan zich te binden. Hoe anders is het met de verplichte pensioenfondsen in Nederland!
  • Er zijn geen pensioengaten (dus pensioenverlies) wanneer de werknemer van baan verandert omdat het pensioen niet aan het salaris bij een werkgever is gekoppeld maar aan de werknemer. Van baan veranderen levert geen onnodige ingewikkelde en kostbare toestanden op.

Wat zijn de obstakels?

  • De Nederlandse politiek is volledig vermolmd door het oude denken van verplichte collectieve regelingen en huiverig voor veranderingen die kiezers maar vooral ook macht en geld kunnen kosten;
  • De bestaande pensioenfondsen zullen hun machtspositie niet willen opgeven;
  • Ook linkse partijen en gelieerde organisaties zullen in eerste instantie hun machtspositie aan de onderhandelingstafel en invloed op werknemers niet willen opgeven (op gronden van ‘complex, niet gewend, gevaren, onzekerheden, beschermen, behoeden’ en meer dreigend toekomstig onweer);
  • Gelet op de typisch Nederlandse bemoeizucht en de dingen vooral te laten zoals ze zijn is het beter om direct naar een roulatiemodel te kijken waarbij nieuwe toetreders kans moeten maken als pensioenbank in te schrijven. Dit houdt de bestaande clubs scherp en gretig.
Regelingen voor arbeidsongeschiktheid en pensioen voor zzp’ers

Arbeidsongeschiktheid

Veel politieke partijen hebben oog voor de risico’s waaraan de zzp’er in Nederland is blootgesteld en komen daarom met allerlei (premie)plannen om deze groep werkenden te gaan beschermen. Verzoekje aan de politiek: please don’t! Denk mee, ondersteun, maar denk in modellen van individuele keuzevrijheid en bescherm deze ondernemers nieuwe stijl voor jezelf, voor allerlei totaal verouderde verplichte publieke verzekeringen met premiemodellen die anno 2017 niet meer kunnen. En denk in kaders waar UWV niet in voorkomt want op een verkapte extra belasting met UWV als poortwachter zit geen enkele zzp’er te wachten. Waarom valt uit onderstaande voorbeeld van ‘de goede oude tijd’ op te maken.

“Goede oude tijd: een WAZ premie in 2003 van € 2.196,-“

De Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) werd op 1 augustus 2004 tot grote vreugde van de ondernemers afgeschaft. Al voor het jaar 2004 hoefde er geen premie meer betaald te worden. Deze afschaffing was een enorme financiële meevaller voor de zelfstandig ondernemer en directeur-grootaandeelhouder (dga). De WAZ-premie bedroeg nl. in 2003 maximaal € 2.196, wat een veel te hoge premie was voor de geboden dekking. Een vergelijkbare Waz-dekking kostte op de private markt voor een ondernemer van 35 jaar circa € 300 per jaar. De ingebrachte premies voor de WAZ waren zo hoog, dat ook de WAZ-gerechtigden die voor 1 augustus 2004 ziek waren geworden nu nog altijd uit deze pot betaald kunnen worden. De dekking bedroeg max. 70% van het minimumloon bij volledige arbeidsongeschiktheid en een wachttijd van 1 jaar.

Een voorwaarde voor afschaffing van de WAZ is dat aan de private verzekeraars werd opgelegd dat ook ‘slechte risico’s’ de mogelijkheid kregen zich privaat te verzekeren. Hiervoor kwam de WAZ-dekking voor moeilijk verzekerbaren zonder medische selectie. Deze dekking, ook wel een AOV vangnetverzekering genoemd, is nog altijd toegankelijk voor een beperkte groep zelfstandigen. Namelijk de WAZ-uitkeringsgerechtigde die zich na het beëindigen van de WAZ-uitkering opnieuw wil verzekeren tegen het risico van arbeidsongeschiktheid. En voor een startende ondernemer, als deze zich binnen drie maanden na de start (datum inschrijving Kamer van Koophandel) aanmeldt voor deze verzekering bij de arbeidsongeschiktheidsverzekeraar. De verzekering is bedoeld voor zelfstandigen die geen polis met uitsluitingen of verhoogde premie willen of kunnen afsluiten. De dekking is vrij minimaal, namelijk max. 70% van het minimumloon en gangbare arbeid als arbeidsongeschiktheidscriterium.

Daarna is er politiek gezien constant aandacht geweest voor de positie van de ondernemers/zzp’ers die zich niet verzekerd hebben tegen het risico van arbeidsongeschiktheid. Veel partijen roepen nu om het hardst dat zij de toegankelijkheid van de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen voor zelfstandigen verbeteren. De vraag is op welke wijze, want een nieuwe verplichte dekking via het UWV is een verkapte belastingheffing wanneer daar weer premies voor gevraagd worden die ruim 7 maal te hoog zijn. De vraag is of ‘Den Haag’ de verleiding van het grote geld kan weerstaan: 1 miljoen zzp’ers die allemaal verkapt € 1.000,- teveel betalen is onder het mom ‘nu wel goed beschermd tegen arbeidsongeschiktheid’ toch weer 1 miljard in de pocket. En wanneer UWV er dan net als vroeger weer voor zorgt dat de instroomcijfers ten opzichte van werknemers nog geen 20% bedragen, dan levert het de Staatskas een extra meevaller op. Welke zzp’er zit daar op te wachten?

Hoe dan wel?

Bijvoorbeeld door te denken in raamwerken waarin eigen regelingen ook zijn toegestaan. Dus wanneer een zzp’er bijvoorbeeld kan aantonen dat hij deelnemer is bij een zogenaamd broodfonds dan is dat ook een ‘collectieve’ regeling. Een broodfonds is een soort van vereniging, onderlinge, waarin de deelnemende leden (de zzp’ers dus) een schenking doen wanneer één van hen door arbeidsongeschiktheid langer dan 4 weken uitvalt. De broodfondsen zijn zeer sterk in opkomst als alternatief voor de (te) dure arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. De verwachting is dat de verzekeringsbranche op korte termijn met eigen varianten op de broodfondsen zullen komen. Op dit moment is de uitkeringsduur van 2 jaar een nadeel, maar een klein overzicht van de voordelen;

  • geen selectie op basis van gezondheid en/of leeftijd;
  • geen claimbeoordeling door UWV, dus bij arbeidsongeschiktheid een schenking van de andere leden zonder publieke inmenging;
  • geen onnodige kosten voor het verzekeren van bruto/netto-uitkeringen (fiscaal);
  • goede verbinding van deelnemers, iedereen kent elkaar en is betrokken (omdat je schenkt);
  • invulling van het risico-model sluit goed aan bij ‘het denken en de wensen’ van de zzp’er anno 2017;
  • zeer betaalbare premies voor een basisdekking (die overigens hoger ligt dan de WAZ destijds).

Verzekeraars zullen als gezegd gaan meebewegen en ook in dergelijke oplossingen gaan denken waardoor de premies, ook voor de dekking na 2 jaar, sterk zullen gaan dalen. Ik voorspel dat de eerste inkomensverzekeraars nog voor 2020 met nieuwe zzp-producten op de markt zullen komen die geschoeid zijn op de oude WAZ-leest, maar dan wel met betaalbare premies van enkele tientjes tot € 100,- per maand.

De zzp’er en een verplichte pensioenregeling?

Gaan we net als bij de andere fondsen onder het mom van solidariteit nog extra miljarden bij de 600 miljard in de black box gooien zonder dat de deelnemers weten wat er met hun geld gebeurt, laat staan dat zij zeggenschap hebben? Is het dan misschien niet beter om naar een nieuw en beter bij deze tijd passend model te gaan zoeken?

Voor een gewenste verplichte pensioenregeling kan beter worden gedacht aan een variant van het Chili-model die beter bij onze samenleving past. Vrije keuze in pensioenfondsen(banken) nieuwe stijl die bijvoorbeeld uitsluitend beleggen in Nederlandse initiatieven zoals de Zorg, Bouw, Natuurbehoud, Groene energie, Vervoer, Onderwijs en Innovatie in plaats van obscure en moeilijk te traceren internationale deals.

Juist bij een groep als de zzp’ers overheerst een sterke behoefte aan minder bemoeizucht en meer zelfredzaamheid ook wanneer dat binnen de kaders van een verplichte pensioenregeling is. Gaat het goed dan kan er wat meer gestort worden. Is het allemaal even een paar tandjes minder dan is de premieafdracht navenant lager. We worden steeds ouder, dus een meer flexibele opbouw is wenselijk waarbij het dan niet de bedoeling is dat de Staatskas (belastingen) het eerst en meest profiteert.

Daarom zou het ook heel handig zijn wanneer de zzp’er zijn bestaande regelingen bij oud-werkgevers bij pensioenfondsen of private verzekeraars zonder kosten 1 op 1 ‘mee kan nemen’ zodat er niet nog of weer een pensioenbreuk wordt gecreëerd of dat er een blauwe envelop in de bus valt.

Voordelen:

  • de zzp’er mag en kan (kunnen ze echt wel) zelf kiezen en wordt veel minder gedwongen;
  • communicatie kan tegenwoordig supersnel via smartphone en/of internet over de hele wereld;
  • eenduidige en heldere overzichten van de persoonlijke financiële situatie;
  • transparant en veel goedkoper model (geen peperdure bureaucratie van de overheid, geen woekerpolissen);
  • sluit beter aan op de persoonlijke situatie en het community-gevoel van mensen i.p.v. de vage en afstandelijke achterhaalde solidariteitsideologie;
  • makkelijk te controleren: percentage omzet is voor de fiscus makkelijk toetsbaar en kan bij wijze van spreken per kwartaal door scanrobots bij de btw-afdracht worden getoetst.

Wat zijn de obstakels?

  • Het is maar zeer de vraag of de Nederlandse politiek de verleiding kan weerstaan om op basis van het oude denken verplichte collectieve regelingen in te voeren die ook nog eens macht en geld hun kant opstuwen;
  • De bestaande levensverzekeraars zullen hun positie en belangen willen verdedigen;
  • De bestaande pensioenfondsen zullen hun machtspositie niet willen opgeven;
  • Veel van de belanghebbende partijen, ook in de politieke arena, zullen (natuurlijk alleen maar in het belang van de zzp’er) knokken om hun machtspositie niet te verliezen. Termen als ‘complex, niet gewend, gevaren, onzekerheden, beschermen, behoeden’ zullen worden gebracht als een soort van gevaar waarvoor de zzp’er moet worden behoed.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *