Dit is een oud nieuwsbericht. De inhoud kan inmiddels achterhaald zijn door recentere ontwikkelingen.

De Nederlandse mummificatie van de arbeidsongeschiktheid?

Het is zomer en razend druk met allerlei nieuwe opleidingsprogramma’s, de administratie en heel veel aanmeldingen van nieuwe studenten voor het nieuwe studiejaar dat eind augustus weer van start gaat. De laatste dagen veel stukken doorgenomen, besluiten, proefballonnetjes, meningen vanuit de politiek en belanghebbende instanties. Het is preventie en duurzaamheid wat de klok slaat. Daar heb ik al genoeg over geschreven, vooral over de eenzijdigheid van alle ideeën die volgens alle kenners bij de werkgever moeten liggen. Ik dagdroom vanuit de duurzaamheid terug in de tijd naar het oude Egypte, de Nijldelta, Farao’s, Pyramides, grafrovers en Bijbelse verhalen. De mummie van Toetanchamon (levend evenbeeld van Amon) is sinds zijn ontdekking in 1922 door Howard Carter wereldberoemd. Volgens de Egyptenaren had Anoebis, de god met de kop van een jakhals, hen het mummificeren geleerd. Een klus die de priesters vaak wel 70 dagen werk bezorgde.

Een erg kostbare klus bovendien die alleen door de allerbesten mocht worden uitgevoerd, omdat het zeer belangrijk werk betrof. De Hogepriester van Amon (Hem netjer Tepi en amon / “eerste profeet van Amon”) was de hoogste rang onder de priesters in het Oude Egypte in het priesterschap van de god Amon. De rangen waren als volgt opgedeeld:

  • De hogepriester van Amon of eerste profeet van Amon (hm ntr tepy en Amon)
  • De tweede priester van Amon of de tweede profeet van Amon (hm ntr sen-nu en Amon)
  • De derde priester van Amon of de derde profeet van Amon (hm ntr khemet-nu en Amon)
  • De vierde priester van Amon of de vierde profeet van Amon (hm ntr fed-nu en Amon)

Tijdreizen naar persberichten

Een goede mummie, dat is pas duurzaam! Mijn gedachten springen terug in de tijd; van ca. 1350 voor Christus naar 2017 na Christus. Dit schrijvende groeit mijn nieuwsgierigheid over hoe een toekomstige jaartelling eruit zou kunnen gaan zien wanneer de huidige telling in de toekomst als discriminerend wordt betiteld.

Maar goed, we zijn inmiddels aangekomen op 6 juli 2017, de datum waarop UWV een persbericht over taakdelegatie deed uitgaan. Ik zal me beperken tot een klein stukje van het persbericht, geïnteresseerden kunnen de rest hier vinden.

UWV voert taakdelegatie in voor verzekeringsartsen

geplaatst op 06 juli 2017

Taakdelegatie wordt definitief opgenomen als werkwijze in de dienstverlening van UWV. Verzekeringsartsen bij Sociaal Medische Zaken kunnen werken met een sociaal medisch verpleegkundige of medisch secretaresse en bij Bezwaar en Beroep met een medisch secretaresse. Deze werkwijze is een van de maatregelen die UWV inzet als oplossing voor het gebrek aan artsencapaciteit. Met taakdelegatie kunnen meer klanten worden geholpen.

Met taakdelegatie kan de verzekeringsarts zich richten op de specialistische activiteiten waarvoor hij is opgeleid. Taken die door anderen kunnen worden verricht, zoals spreekuurverslagen uitwerken, dossiers voorbereiden en informatie verzamelen, worden ook daadwerkelijk door anderen gedaan, onder verantwoordelijkheid en aansturing van de verzekeringsarts. Zo kan een klant op verschillende momenten in contact komen met een medisch secretaresse of een sociaal medisch verpleegkundige. Een medisch secretaresse biedt administratieve, secretariële ondersteuning en een sociaal medisch verpleegkundige voert medisch inhoudelijke taken uit.

Even verder kijken op internet…

Als je dan toch de brief aan het bekijken bent, google dan ook eens “ILO 12 month disability” of probeer hetzelfde maar dan met voorvoegsel ‘european code’. Daar kun je dan vinden wat de gemiddelde duur van ziekteverzuim in de rest van Europa en de wereld is, voordat er sprake is van duurzame arbeidsongeschiktheid (namelijk bij 12 maanden aaneengesloten verzuim). Daarom begint iedere zichzelf respecterende Nederlandse publieke organisatie om uit te leggen dat het bij ons allemaal een klein beetje anders is en daarom veel socialer en beter natuurlijk. Het is maar zeer de vraag of dat juist is, maar dat is een mooi onderwerp voor een andere blog.

UWV: de Nederlandse Anoebis van de arbeidsongeschiktheid in de WGA

In tegenstelling tot de rest van de wereld duurt het moment waarop de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid in de WGA in Nederland meestal wordt vastgesteld best wel lang, best wel heel lang. Geen 12 maanden, geen 24 of 36 maanden, maar vaak gerust 74 maanden of nog langer. De zeggenschap hierover ligt bij UWV en door de manier waarop zij hiermee omgaat manifesteert zij zich als een Anoebis die de arbeidsongeschiktheid zo als het ware mummificeert.
Met de voorgenomen taakdelegatie kent UWV straks ook 4 rangen voor de uit te voeren werkzaamheden:

  • De verzekeringsarts,
  • De arbeidsdeskundige,
  • De sociaal medisch verpleegkundige,
  • De medisch secretaresse.

De werkachterstand groeit, de werkdruk neemt toe, de klanten (werknemers) moeten te lang wachten, kortom de verzekeringsartsen hebben het te druk en er zijn dus extra handjes nodig. Begrijpelijk, want opeens waren er 12% meer arbeidsongeschikten en verhip waar komen die toch vandaan? En er zijn steeds meer behandelingsmogelijkheden en zolang er wordt behandeld is er geen sprake van duurzaamheid. Dus we gaan in Taakdelegatie en een prachtige bijvangst is dat dit besluit mooi aansluit bij ontwikkelingen in het domein Arbeid en Gezondheid, waarin taakdelegatie en leiderschap thema’s zijn voor de toekomst. Ergens ontwaar ik een vredig tafereel in de toekomst: de sociaal medisch verpleegkundige van UWV die straks na 2 jaar verzuim en 3 jaar WGA onder het genot van een duurzaam kopje koffie samen met de Arbeidsarts fijn friskijkt naar het dynamisch behandelprofiel van de cliënt. Goh, leuke uitdaging voor ombuiging toch? Jaaaaa, in Nederland doen we het net een beetje anders en zoveel beter.

UWV bepaalt en de werkgever baalt

De werkgever mag ondertussen van al dit moois niets weten; oeps privacy! Oorzaken? NJET! Behandeling? NON! Duurzaamheid aandoening? NEIN! Medische informatie? NO! Friskijken Herwin, positief friskijken, de werkgever stelt alles in het werk om de werknemer duurzaam terug te krijgen. Ehhhh? De werknemer is al een jaartje of 5 niet meer in beeld, behalve dat het hem jaarlijks iets tussen de € 25.000,- en € 50.000,- kost, dus de werkgever heeft een ietwat ander referentiekader. Die heeft op het netvlies dat hij er niets aan kan doen (circa 70% van de gevallen betreft immers risque social), niets mag weten en dat er nu dus met alle respect verpleegkundigen en secretaresses zeggenschap (over hun kosten) gaan krijgen? En dat werkgevers ook hierover niets is gevraagd, zij geen enkele zeggenschap hebben gehad.

Suggestie

Misschien is het een idee om werkgevers meer uit hun isolement te halen, in plaats van ze er steeds verder in te drukken. Dat kan door meer inspraak, meer zeggenschap, meer transparantie. Hier ligt echter een belangrijke blokkade waar het de privacy betreft. De splitsing naar enerzijds risque social met premiebetaling door de werknemer en uitvoering door UWV, en anderzijds risque professionnel met premiebetaling door de werkgever en uitvoering door een tripartite organisatie (niet zijnde UWV). Friskijkend kom ik tot de conclusie dat dit misschien net een halte te vroeg is en dat er een tussentijdse oplossing nodig is, al kan het schip al dichter bij de wal zijn dan men denkt.

Risque Public en Risque Private

Ondanks het gesjoemel in de publieke sector van alleen het eerste verzuimjaar tellen zit er een (te) groot verschil tussen publieke en private cijfers waar het verzuim en arbeidsongeschiktheid betreft. Daarnaast zijn de cao’s van publieke werkgevers op dit terrein gemiddeld te riant, zeker in vergelijking tot private werkgevers. Een loondoorbetaling van 3 jaar bij verzuim is bijvoorbeeld bij departementen, grote gemeenten of de politie heel normaal. Het zou dus eerlijker zijn deze lasten anders te verdelen in een andere financiering, lees doorbelasting in Risque public (overheid) en Risque private (niet overheid). Dat is een relatief eenvoudig in te voeren opsplitsing van de kosten, die aansluit bij de wens van de overheid dat de vervuiler betaalt, waarbij moet worden voorkomen dat de gevolgen op de belastingbetaler worden omgeslagen.
Dan het tegengaan van de mummificering van de WGA (op kosten van de werkgever) door UWV. Vanwege de eerder genoemde blokkades in het kader van de privacy is het bijzonder lastig een model te realiseren dat ook voor werkgevers transparant is. Daarom is het eerlijker om de werkgevers, zolang er nog geen sprake is van herverdeling van de risico’s (risque professionnel en risque social), bijvoorbeeld voor de duur van het verzuim en voor de duur van de LGU (dat is nu maximaal 3 jaar) te laten bijdragen. Op deze manier is de maximale termijn met inbegrip van 2 jaar verzuim dan 5 jaar in plaats van de huidige 12 jaar.

Compensatie op premies/belastingen

Omdat werkgevers toch allemaal zo enorm bezig moeten zijn met duurzame inzetbaarheid zou een friskijkregeling extra stimulerend kunnen werken. Hierbij kan worden gedacht aan aftrekbaarheid van scholingskosten, herplaatsingskosten, het in dienst nemen van werknemers die een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben of arbeidsongeschikt zijn. Belonen werkt beter dan straffen, in ieder geval motiveert het meer!

1 Reactie

  1. Wat een heerlijk Blog om te lezen. Ik ben jaloers op je schrijftalent (zeker nu ik zelf bezig ben met mijn scriptie).
    Hopelijk blijf je geen roepende in de Sahara en wordt de termijn van 12 jaar inderdaad ingekort. Al is het alleen maar omdat het belachelijk is dat je een ex-medewerker nog zo lang moet blijven volgen. Geen doen in deze tijd waar de HR-medewerker echt niet meer weet over wie het gaat omdat dienstverbanden van 20 jaar of meer niet meer gebruikelijk zijn en hij zelf net in dienst is. Ik zie al wel voor me dat dan na twee jaar verzuim en drie jaar WGA het UWV ineens een ander oordeel velt over WGA percentage of IVA. En de kans bestaat ook dat werkgevers (ERD) dan maar die drie jaar voor lief nemen, zonder nog actie te ondernemen. Dat terwijl de eerste drie jaar, zeker in geval van medewerkers met langer WW recht, veruit het duurste zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *