Uitgelichte opleidingen:

Loondoorbetaling terug naar 1 jaar betekent forse kostenstijging

Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ontving op 23 januari 2020 het eindrapport “In wat voor land willen wij werken?” van de Commissie Regulering van werk onder leiding van Hans Borstlap. De minister gaf onder andere aan dat er goed, gedegen en veel denkwerk is verricht. Het resultaat is een rapport dat niet alleen inzicht geeft in de huidige arbeidsmarkt, maar ook een waardevolle analyse bevat voor de arbeidsmarkt van de toekomst. Heel veel dank daarvoor.
Heel veel dank? Nou, we hoeven niet dankbaar te zijn voor het idee om de huidige loondoorbetaling bij ziekte van 2 jaar terug te brengen naar 1 jaar.

Op het eerste gezicht lijkt het erop dat werkgevers dan gaan besparen als de loondoorbetalingsperiode korter wordt. Immers, het tweede jaar van ziekte hoeft er niet uitgekeerd te worden. Gunstig toch? Nee, typisch een geval van ‘Pennywise and Pound foolish’. Laten we eens een berekening maken.

Op dit moment bedraagt het gemiddeld aantal nieuwe toegekende WGA-gevallen rond 29.000 per jaar. Dat is dus na 2 jaar loondoorbetaling. We weten dat het aantal gevallen dat 1 jaar nog ziek is veel hoger is dan het aantal dat na 2 jaar nog ziek is. Grofweg is het aantal ziekmeldingen in het eerste jaar 75% hoger dan het aantal in het tweede jaar. Ofwel het aantal ziekmeldingen van 1 jaar dat de WGA-Poort bereikt, komt uit op 50.750 nieuwe gevallen.

Kosten voor werkgever nemen met 75% toe

Veronderstel dat de wet ingaat per 1 januari 2021, dan is er in 2022 een instroomverwachting van 79.750: 29.000 uit jaar 2 (loondoorbetaling van 2020) en 50.750 uit jaar 1 (loondoorbetaling van 2021). Pas vanaf 2023 zal de instroom stabiliseren rond de 50.750 per jaar.

Ofwel, de werkgever zal verantwoordelijk zijn voor de kosten van 10 jaar WGA-uitkeringen voor meer gevallen. In 2022 nemen door de dubbele instroom de kosten dus met 175% toe ((79.750 – 29.000)/29.000). En vanaf 2023 met 75% per jaar in vergelijking tot 2 jaar loondoorbetaling.

Stel dat de bruto WGA-kosten van een werknemer verdeeld worden over 2 jaar loongerelateerde uitkering (LGU) en gemiddeld daarna nog 6 jaar vervolguitkering (VVU). Bij een salaris van € 35.000 is de LGU € 49.000 (2*70%*€ 35.000). De VVU gedurende gemiddeld 6 jaar is dan € 77.400 (6*70%*86%*21.430). Daarbovenop komt nog 18% aan werkgeverslasten, ofwel een totaal van circa € 150.000.

De gemiddelde WGA-kosten van werkgevers bij 2 jaar loondoorbetaling bedraagt: 29.000 * € 150.000 (grof risico WGA) = € 4.350 miljard (per jaar wordt dus gemiddeld € 435 miljoen aan nieuwe uitkeringen toegevoegd bovenop bestaande uitkeringen). Bij overgang naar 1 jaar loondoorbetaling gaan de werkgevers naar € 50.750, ofwel: € 7.613 miljard (per jaar gemiddeld € 761 miljoen). In geval van ingang wetgeving 2021 is er ook een extra verhoging vanwege de dubbele instroom 2022.

Voor een werkgever heeft de verkorting van de loondoorbetaling voor een werknemer met een
€ salaris van € 35.000 het volgende effect:

2 jaar loondoorbetaling 1 jaar loondoorbetaling Verschil
Loondoorbetaling 59.500 35.000 -/- 24.500
WGA 150.000 262.500 112.500
WGA-instroom 1 1,75
Effect 209.500 297.500 88.000
Terug naar de bekende AAW-aantallen

Werkgevers gaan bij een loondoorbetaling van 1 jaar dus nog veel meer bijdragen dan nu het geval is. Dit is vragen om problemen voor werkgevers. Premies van zowel UWV als verzekeraars gaan daardoor aanzienlijk stijgen. Bovenal zal het aantal WGA’ers veel sneller stijgen met als gevolg dat we in de toekomst teruggaan naar de bekende WAO-aantallen uit het verleden. Of zelfs AAW-aantallen zoals hieronder te zien is. Helaas lijkt het vele denkwerk van de commissie Borstlap de plank mis te gaan slaan bij het voorstel van overgang naar 1 jaar loondoorbetaling.

 

1 Reactie

  1. Sterke analyse!
    vraag me af of ook de veranderingen in de RIV hebt door kunnen berekenen als straks de rol van de VA beperkt wordt?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *