Dit is een oud nieuwsbericht. De inhoud kan inmiddels achterhaald zijn door recentere ontwikkelingen.
Uitgelichte opleidingen:

Een “Joosje”: over loondoorbetaling en suggestieve berichtgeving

Ergens bij een willekeurige onderneming in Nederland werkt een aardige en enthousiaste man die veel over zijn vakgebied weet. Mister X staat zo raar, dus laten we hem voor het gemak Joost noemen. We kennen allemaal wel een Joost. Wanneer je met Joost in gesprek bent, kun je qua innovatie nergens mee komen of Joost heeft het al bedacht en was er al mee bezig. Nieuwe vorm van Arbodienstverlening? Hij deed het al. Nieuw model ontwikkeld voor de ontrafeling van gedrag en cultuur bij een organisatie? Joost is er al mee bezig. Je hebt ter plekke een briljant en uniek idee om een bepaalde vorm van verzuim beter te kunnen begeleiden? Jammer, oud nieuws want Joost wist het al. Joost is daarom een begrip in het wereldje van mensen die met innovatie op het gebied van verzuim en arbeidsongeschiktheid bezig zijn; een “Joosje” is de uitdrukking geworden voor mensen die feiten en wensen niet zo goed uit elkaar kunnen houden.

Loondoorbetaling

Van Joost naar een leuk stukje in Trouw van 9 augustus jongstleden. Bas van der Klaauw, hoogleraar economie aan de VU, schrijft in het  Verdiepingskatern over 2 jaar loondoorbetaling. Dat moet korter, vinden werkgevers en de onderhandelaars voor het nieuwe kabinet. Van der Klaauw vraagt zich af waarom. Hij gebruikt in zijn betoog hele redelijke argumenten (al durf ik de discussie met hem aan te gaan of ziek personeel voor grote bedrijven geen enorm financieel risico is). Wat eerder het geval is, is dat grote bedrijven en organisaties zich totaal niet bewust zijn van de werkelijke kosten. Dat klopt wel, daarom ervaren ze het financiële risico niet. Van der Klaauw stelt dat de Tweede Kamer met de bijna 10 wetswijzigingen in de laatste 15 jaar (!) het verzuim met succes omlaag heeft gebracht. Niemand ontkent dat, aldus Van der Klaauw. Welnu, ik ontken dat en met mij zullen vele casemanagers, arbeidsdeskundigen maar ook inkomensspecialisten en actuarissen bij verzekeraars en zelfs behoorlijk wat bedrijfsartsen dat ook doen.

Splitsing van oorzaken en doorbelasting

Wat ik wel kan bevestigen is dat de overheid enorm succesvol is geweest in het eenzijdig doorbelasten van alle kosten en verplichtingen aan de werkgever. In het artikel wordt terecht aangegeven dat werkgevers enorm betrokken zijn bij hun personeel, en dat zij van mening zijn dat werknemers recht hebben op een goed sociaal vangnet bij verzuim. Tegelijkertijd worden er echter kritische vragen gesteld bij de relatie tussen kosten, kostenverdelingen, oorzaken en verplichtingen. Ik vind Van der Klaauw daarom dapper met zijn standpunten waar het de vraag betreft of de overheid in de toekomst wel streng durft te gaan worden waar het de keuringen betref (lees: toezicht houden op het keuringsbeleid van UWV). Ook denkt hij hardop na over het maken van een splitsing waar het oorzaken en doorbelasting betreft, als maatregel in plaats van verkorting van de periode. Dat wordt een lastig verhaal, want dat zou in de praktijk betekenen dat  werknemers in de toekomst voor circa 75% van al het verzuim de premies gaan betalen. Dan zullen juist de werknemers en bonden om het hardst gaan roepen dat de periode voor de loondoorbetaling korter moet!

Risque Social en Risque Professionnel        

Ook moedig is de verkapt genoemde scheiding tussen Risque Social (RS) en Risque Professionnel (RP), die volgens Van der Klauw vanuit Europees perspectief onafwendbaar is. Een mening die ik volledig met hem deel. In dat kader herinner ik me een gesprekje met een senator van de VVD in de Dreeszaal van de Staten Generaal, zomer 2014. “Mijnheer Schrijver, de komende 25 jaar zie ik geen politieke wil aanwezig voor een Nederlandse introductie van het RS en RP.” Mijn reactie hierop luidde destijds: “Beste senator, bij leven en gezondheid gaat u dat nog binnen 10 jaar meemaken, de wal keert het schip, politieke wil of niet.” We zijn nu 3 jaar verder. Ik ben er nog steeds van overtuigd – en niet alleen vanwege de verschillen met Europa – dat het gaat gebeuren.

Het ‘Joosje’ van Asscher   

Haaks op dit alles staat in het artikel de visie van Minister Asscher. Hij beweert dat de 2 jaar loondoorbetaling bij verzuim ervoor hebben gezorgd dat werkgevers op grote schaal zijn gaan investeren in de gezondheid van hun medewerkers. Herinnert u zich de redelijk komische discussie gevolgd over de publieke belangstelling bij de inauguratie van Trump? Op basis van alternative facts was het bij hem toch echt wel drukker dan destijds bij Obama. In de Betuwe zeggen de mensen dan weleens; “wie het gelooft krijgt een nieuwe fiets”. Bij de bewering van minister Asscher kan ik eenzelfde glimlach (zoals wel vaker) niet onderdrukken, want als het om verzuim en arbeidsongeschiktheid gaat lukt het de beste man vaak niet om feiten en politiek getinte wensen van elkaar te (onder)scheiden. Een “Joosje” van Asscher.

De ‘Joosjes’ van Trouw     

Dit brengt me bij de essentie van dit schrijfsel. Trouw is een krant aan de linker flank van het politieke spectrum. De krant maakt met zijn berichtgeving gebruik van onderdelen binnen de sociale zekerheid om zijn positie bij de lezer te bevestigen. Dat is een goed recht en daar is bovendien helemaal niets mis mee, maar de informatie moet dan wel juist zijn. Als het dan, zoals in dit artikel, om verzuim en arbeidsongeschiktheid gaat, dan zie je ook in Trouw regelmatig een ‘Joosje’. Ik zal uitleggen hoe dat werkt. De krant geeft zelf wat extra informatie, waarin appels met peren vergeleken worden. In dit geval wordt er met verzuimkostenpercentages gewerkt, terwijl de discussie over de kosten gaat. En nee, dat heeft niets met verzuimpercentages te maken.

Appels en peren

Ik zal laten zien hoe Trouw keer op keer een ‘Joosje’ doet, door op een suggestieve manier appels met peren te vergelijken. Volgens de tekst in Trouw lag het ziekteverzuim in de jaren negentig op bijna 7%. Nu is dat iets onder de 4% (is dan de boodschap: so why worrie?). Appel: bijna 7% “in de jaren 90” is een meerjarig gemiddelde. Peer: “nu” is een momentopname van iets onder de 4% verzuim, die overigens niet klopt. Hier heb ik al meer over geschreven, lees ook mijn blog over de KNMG. Het CBS (weergave 10-8-2017) geeft voor de overheidsdiensten 5,8% verzuim, voor onderwijs 5,4% en voor de zorg 5,7% verzuim in het eerste kwartaal van 2017: een iets ander beeld. Zoals vaker gezegd: veel van deze instellingen administreren alleen het eerste verzuimjaar, omdat ze anders hun Verbaan-, Vernet- of andere Verzuimkolderpolder-norm niet halen. Net zoals bijvoorbeeld bij de Politie zal het verzuim bij deze organisaties daarom eerder ergens tussen de 7% en 8% liggen. Voor de politiek wel zo handig om te weten, als je naar een klein miljardje extra zoekt om de dienstverlening bij één van de genoemde organisaties weer op orde te krijgen.

Administratieve ruis

Het geldgebrek zit voor een groot deel verstopt in de administratieve ruis van 2 tot 3 jaar verzuim wat niet als zodanig wordt geregistreerd (leve de hangmat-cao’s). Voordat je het weet heb je papieren bezettingen met in de praktijk leerlingen zonder docent voor de klas, onderbezetting bij diensten en ouderen die alleen nog de hoogst noodzakelijk verzorging krijgen. Hoe kun je bij een zorginstelling achterhalen wat het echte verzuimpercentage is? Echt niet in het verzuimsysteem, dat gaat ‘m niet worden. Kijk bij de afdeling financiën wie er declarabel is, daar staat de medewerker die verzuimt daadwerkelijk ziek gemeld, omdat er geen foutieve declaraties uit mogen.

Suggestieve achtergrondinformatie    

Tekst Trouw: “Begin jaren negentig meldden jaarlijks honderdduizend mensen zich voor een WAO-uitkering. Dat waren er twee tot drie keer zoveel als in omringende landen. Momenteel kloppen jaarlijks circa 36.000 mensen bij het UWV aan voor een WIA-uitkering, de opvolger van de WAO. In de tijd dat de WAO werd opgevolgd door de WIA, besloot het kabinet ook om de loondoorbetalingsplicht te verlengen naar twee jaar.”  Suggereren we hier op deze manier niet een heel klein beetje ieniemienie dat die 2 jaar loondoorbetaling dus eigenlijk supergoed werkt? Ietsjes toch wel hè? Honderdduizend per jaar toen en 36.000 per jaar nu. Nou? Iets beter? Of veel, heel veel many mucho beter?

Veel verschillende factoren

Tekst Trouw: ““Je kunt zeker stellen dat die twee aspecten – ziekte doorbetalen en in dienst nemen – een sterke correlatie hebben”, zegt ook Van der Klaauw. “Maar het aantal flexibele contracten zal echt niet plots afnemen als de periode van loon doorbetalen teruggebracht wordt. Er spelen zoveel verschillende factoren mee.”” Van der Klaauws zorgvuldig aangebrachte nuancering wordt door Trouw niet overgenomen in de streamer die prominent bovenaan het artikel prijkt. Die luidt namelijk: “Het aantal flexibele contracten zal echt niet plots afnemen als de periode van loon doorbetalen teruggebracht wordt”. Dit suggereert dat Van der Klaauw van mening is dat er geen verband is tussen kosten voor loondoorbetaling en flexibele arbeidscontracten, wat een onjuiste weergave van de werkelijkheid is. En bovendien: een flexibele arbeidsovereenkomst herbergt een waanzinnig onevenredig groot risico voor werkgevers: na 1 dag werken loopt een werkgever een fictief risico van 12 jaar (2 jaar doorbelasting ziektewet en 10 jaar WGA)! Een implicatie die in Trouw niet erkend wordt, maar waarvan Van der Klaauw zich terdege bewust is.

Aanmeldingen versus toekenningen   

Dan nog een appel-peer-gevalletje. Appel: de aanmelding voor de WAO-keuring gebeurde begin jaren negentig na 1 jaar verzuim, waarbij de regie echter pas in 1996 bij de werkgever kwam te liggen. Peer: de aanmelding voor de WIA-keuring gebeurt na 2 jaar. Wacht eens even, Herwin? Dan zeg je toch eigenlijk dat het juist goed is om 2 jaar verzuim te hebben? Want er waren veel meer WAO’ers dan dat er mensen in de WIA komen? Geen paniek, lijkt zo, maar is niet zo. Dat zal ik uitleggen aan de hand van nóg een appel en een peer. Appel: de 100.000 (Trouw schrijft honderdduizend) waren WAO-aanmeldingen, dus mensen die gekeurd moesten worden. Het betrof hier dus geen toekenningen! Peer: de 35.710 (Trouw schrijft nu niet met letters maar circa 36.000) waren Wia-toekenningen (Bron CBS, jaar 2015, van latere datum nog geen info beschikbaar), dus niet alle mensen die gekeurd zijn. Nu weten we dat circa 47,5% van alle aanvragen een Wia-uitkering krijgen, dus dan kom je op ongeveer 75.000 aanvragen per jaar uit. Op 8 juni van dit jaar kwam UWV echter met een bericht dat er in 2016 opeens (lees: onverwacht) 12% meer Wia-instroom was en het aantal toekenningen uitkwam op een totaal van 40.000 uitkeringen. Nou, da’s ook toevallig, dat gaat alweer aardig richting de 100.000 aanvragen per jaar, maar dan wel na 2 jaar verzuim in plaats van 1 jaar!

Net zo ziek

Het Financieel Dagblad was op 17 oktober 2015 iets genuanceerder dan Trouw nu. In plaats van de gemiddelde lezer met iets minder kennis van verzuim en arbeidsongeschiktheid met een ‘Joosje’ in het riet te sturen durfde het FD het aan om te stellen dat Nederland nog net zo ziek was als in 1990, toen Ruud Lubbers zijn beroemde uitspraak ‘Nederland is ziek’ deed. In 1990 hadden 879.000 een WAO-uitkering en in 2015 hadden 820.000 mensen een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Voor alle friskijkers die blij aangeven dat dit toch nog altijd 59.000 minder is heb ik uitstekend nieuws; 820.000 nu is een slechtere score dan de 879.000 van toen. Hoe dat kan? Inmiddels is Nederland een redelijk stukje grijzer geworden dus is de beroepsbevolking wat kleiner dan in 1990 en belangrijker: de kans op re-integratie kleiner. Met andere woorden, de 820.000 arbeidsongeschikten zijn met het huidige beleid (alle rekeningen voor de werkgever) waarschijnlijk in redelijk solide beton gegoten.

Of nog zieker?

Is dat alles, geen andere verschillen? Jawel hoor, ik heb er nog wel een paar waarom Nederland nu zieker is dan in 1990. In 1990 waren we nog niet zo grijs en we kenden geen van de Wia uitgesloten beroepsbevolking die een volume van 1 miljoen mensen kende: de ZZP’ers. Een groep die overigens grotendeels bewust voor een niet door de overheid opgelegde en gereguleerde bescherming kiezen. In 1990 hadden we geen verdringingsmarkt van laagopgeleide werknemers van Nederlandse komaf door Oost-Europese arbeidsmigranten. In 2017 is de Nederlandse groep bijstandsgerechtigd, terwijl de werknemers uit Oost-Europa op grond van hun Nederlandse arbeidsovereenkomst en de nieuwe Schengen-rechten kunnen terugvallen op loondoorbetaling of de Ziektewet, en eventueel Wia. Bij instroom zijn de risico’s voor deze groep nog veel groter dan in 1990, omdat werkhervatting nog moeilijker is.

Complex dilemma        

Juist omdat de aantallen niet afnemen ben ik zeker net zo benieuwd als Van der Klaauw of de overheid in de toekomst wel streng durft te zijn waar het de beoordelingen betreft. Het aantal aanmeldingen zal bij 1 jaar verzuim net zo hoog zijn als vroeger, het aantal toekenningen zal echter drastisch omlaag moeten. Samen met de andere uitkeringen (bijvoorbeeld WW en Bijstand) omvat de “ijzeren voorraad” van de arbeidsmarkt ongeveer 1,5 miljoen uitkeringen die in de komende jaren moet worden aangesproken. Het openbreken van het bastion ‘rechten zonder plichten’ zal vanuit de politiek moeten gebeuren en plaatst alle politieke partijen voor een waanzinnig complex dilemma. Het is daarom misschien gewoon best wel verstandig om ze bij de formatie een helpende hand toe te steken in plaats van op basis van verkeerde en onvolledige informatie net te doen of alles veel beter is. Want dat is het niet. En nog belangrijker: met de laatste mode om van ongeveer alles een beroepsziekte te maken (Asscher) en vooral op preventie in te zetten (SER en KNMG) steken we de kop nog dieper in het zand. Ik wens iedereen in Den Haag veel wijsheid en geduld toe, denk aan Huber (positieve gezondheid) en durf naar oorzaken te zoeken in plaats van de symptomen met Joosjeswetgeving te bestrijden. Bijvoorbeeld een soort van polderkolder met 1 jaar loondoorbetaling voor alleen kleine bedrijven die voor deze tegemoetkoming dan wel een prijs moeten betaling met bijvoorbeeld een verkapte premieheffing. Dat is aan de voorkant minder loondoorbetaling en aan de achterkant hogere vaste belasting.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *