Uitgelichte opleidingen:

ARBO 2.0

Even terug in de tijd, de tijd dat er nog geen UWV bestond. De uitvoering van bijvoorbeeld de Ziektewet lag toen nog bij de bedrijfsvereniging; daarvan waren er begin jaren 90 vorige eeuw enkele tientallen. Aardig om eens te kijken hoe dat in elkaar zat, ter inspiratie voor arbomodellen 2.0.

Hoe werkten bedrijfsverenigingen?

Iedere bedrijfsvereniging kende een ledenraad, waarvan de ene helft bestond uit leden van de werkgeversvakverenigingen en de andere helft uit leden van de werknemersvakverenigingen. De ledenraad had vooral een formeel karakter en geen directe zeggenschap waar het de samenstelling van de belangrijkste organen van de bedrijfsvereniging betrof: het bestuur, het dagelijks bestuur en de Kleine Commissie.

De Kleine Commissie was samengesteld uit iemand van het werknemersbestuur, het werkgeversbestuur en de administrateur van de bedrijfsvereniging. De commissie ging over de speciale gevallen van wetstoepassing, met name de weigering van een uitkering. Het leeuwendeel van de werkzaamheden werd afgedaan door de administratie onder leiding van de directeur of de administrateur. De administratie kon door de bedrijfsvereniging zelf of door het Gemeenschappelijk Administratiekantoor (GAK) worden gedaan.

De bedrijfsverenigingen hadden 3 hoofdactiviteiten:

  1. de uitkeringsverzorging
  2. de beheersing van het uitkeringsvolume en het verzekerde risico
  3. de handhaving van de uitkeringsverzorging.

Bij punt 1 ging het om de claimbeoordeling, de uitvoeringsbeslissing en de uitbetaling. Bij punt 2 ging het om het voorkomen dat verzekerden een beroep op de uitkering deden, het begeleiden van de uitkeringsgerechtigden en het bevorderen van de terugkeer van uitkeringsgerechtigden in het arbeidsproces. Voor punt 3 was er een breed scala aan instrumenten beschikbaar met als doel het oneigenlijk gebruik en misbruik van de uitkeringen te voorkomen, op te sporen en te sanctioneren.

Wanneer een werknemer zich ziek wilde melden, dan gaf de werkgever dit door aan de eigen bedrijfsvereniging en moest daarvoor betalen. Na je ziekmelding deed je er verstandig aan om thuis te zijn, want er kon op ieder moment van de dag een controleur aan de voordeur staan. Een bezoek aan het ziekenhuis of aan de huisarts waren zo ongeveer de enige valide redenen voor een werknemer om niet thuis te zijn en zo een (loon)sanctie te voorkomen.

Impact van de wet TZ

Om het ziekteverzuim terug te dringen werd per 1 januari 1994 de Wet terugdringing ziekteverzuim van kracht, de wet TZ. Kleinere werkgevers (15 werknemers of minder) moesten 2 weken het loon doorbetalen en grote werkgevers moesten 6 weken doorbetalen. De impact van de nieuwe wet TZ was direct in januari, de eerste maand van haar bestaan, al fenomenaal.

Ziekteverzuim

Stolker 24 februari 1994

In het artikel ‘Ziekmeldingen met bijna de helft afgenomen’ (NRC Handelsblad, 17 februari 1994) stelt Peperkamp van het GAK in alle ernst dat werkgevers denken dat melding van een ziektegeval niet meer nodig is.

Siecker van de Industriebond FNV denkt dat het aantal ziektegevallen vooral dankzij de nieuwe wet met 44 procent is afgenomen. En de werkgeversorganisaties NCW en VVNO vragen zich gebroederlijk af of het verzuim werkelijk is verminderd. Als de bestuurders wat meer geluisterd hadden naar werknemers en werkgevers, zouden ze tot de conclusie zijn gekomen dat de afname van het aantal ziekmeldingen maar drie èchte redenen kan hebben. Of de werknemers waren gewoon minder ziek dan in 1993; of werkgevers hebben zieke werknemers niet ziekgemeld bij het GAK, en zich daardoor flink wat kosten bespaard; of werknemers zijn ondanks hun ziekte toch gaan werken omdat ziekmelden een zieke werknemer geld kost (veel werkgevers zijn er per 1 januari toe overgegaan om ingeval van een ziekmelding het salaris te korten of vakantiedagen in te houden). Werkgevers en werknemers doen er alles aan om niet de dupe te worden van de nieuwe wet Terugdringing Ziekteverzuim. Dat lukt ze aardig. Maar het is niet waar dat werkgevers en werknemers dom zijn en de nieuwe wet fantastisch.

Mooi om te lezen dat er volgens de toenmalige directeur van het GAK, de heer Peperkamp, drie redenen voor de spectaculaire daling konden zijn en dat één ervan kon zijn dat werknemers zich niet meer ziek melden omdat het ten koste van hun eigen portemonnee ging.

Hoeveel is er veranderd wanneer je leest dat mensen bij een ziekmelding gewoon de hele dag thuis moesten zijn omdat er controle kon komen? Als je er dan zonder excuus (dus huisarts of ziekenhuis) niet was, dan waren de rapen gaar en kostte het nog eens extra geld. Een dergelijke voorstel levert in 2018 binnen een paar dagen Kamervragen op en is meteen koren op de molen voor de vlammende verontwaardiging bij vakbonden en programma’s als RADAR. Tegenwoordig is het uitbuiten van de politieke lading (meer kiezers of hogere kijkcijfers) over de rug van de zelfbenoemde ‘slachtoffers’ belangrijker dan dat er, zoals in 1994, nog sprake kon zijn van ‘normale’ inhoudelijke verslaggeving waarbij niet eigenbelang of de emotie, maar de inhoud centraal stond. Hoewel ogenschijnlijk triviaal blijkt deze manier van journalistiek, in combinatie met de uitwerking van de AVG, misschien wel een belangrijk motief voor de aanstaande veranderingen.

Nog nooit had de werknemer zoveel zelfbeschikking als nu

Van de Arbowet in 1994 naar 1 jaar loon doorbetalen en 4 jaar Pemba betalen, naar 2 jaar loon doorbetalen en 10 jaar WGA betalen, naar nieuwe arbo-wetgeving, naar 25 mei 2018 de introductie van de AVG. De uitvoering van alles wat met verzuim te maken heeft is door de invoering van de nieuwe wetten versplinterd tussen werkgevers, arbodiensten, andere dienstverleners, UWV en …? En de werknemer. Nog nooit had de werknemer dankzij de huidige manier van denken, politiek maken en de invoering van het Eigen Regie Model zoveel macht en zelfbeschikking waar het verzuim en arbeidsongeschiktheid betreft.

Aapjes op de schouder

Te veel bedrijfsarts en arbodienstverlening kost onnodig veel geld (hoezo explosie van kosten verzuim en arbeidsongeschiktheid). Dus minder arbodienstverlening maakte dat het verzuim richting HR verschoof. Oeps, dat is lastig en onwenselijk; aapje op de schouder van HR. En toen kwam de oplossing: wie weet er nu meer van de werknemer dan de leidinggevende? Eigenlijk helemaal niemand toch? En dus ging het aapje ging naar de leidinggevende, the place to be.  Even een mooie training ‘uitvragen van mogelijkheden’ erbij en verzuimverlof als stevig instrument om al dat ongeremde verzuimen te beteugelen. Bulls Eye, Van Gerwens pijltjes zijn er niets bij.

Maar de gemiddelde leidinggevende kwam er al snel achter dat je zelfs als zelfbenoemde minidokter toch nog heel veel tijd aan dat verzuim kwijt was. En echt leuk was het nou ook niet, al die vervelende gesprekken die het probleem uiteindelijk zelden verhielpen. Maar geen nood, daar was de volgende oplossing: de zelfsturende teams, want wie kende de medewerker nu beter dan de directe collega’s? Het aapje verhuisde van de leidinggevende naar de teams en kon daar naar heerlijk van schouder naar schouder huppen.

En nu?

Inmiddels is het juni 2018 en er gebeurt van alles. Het is een superspannende en dus geweldige tijd voor de nerds en geeks sociale zekerheid. Kijk naar wat grote arbodiensten, de OVAL en een paar grote dienstverleners die als een soort van collectief ‘boven de markt’ gaan staan. Ik lees verschillende reacties van mensen die teleurgesteld zijn dat organisaties als de NVAB of NIVEL een prachtige kans hebben gemist om serieus positie te kiezen waar het de AVG betreft. Pas je verwachtingspatroon gerust aan, want dat zullen ze niet gaan doen. Of beter gezegd: dat zullen ze niet kunnen. De krachtenvelden die gepaard gaan met belangen van leden behartigen, tegelijkertijd de competenties bepalen en de opleidingen accrediteren, maken dat simpelweg onmogelijk.

Hoe populair maakt het bestuur van de NVAB zich bij haar leden (de bedrijfsartsen) wanneer de boodschap is dat het roer om moet en dat ze zich zullen moeten gaan aanpassen?  Welke politieke partij gaat niet heel veel zetels verliezen wanneer de boodschap wordt dat werknemers een paar procent nettoloon zullen moeten gaan inleveren om het verzuim en de arbeidsongeschiktheid te financieren waar de werkgever part noch deel aan heeft?

Tweedeling in belangen

Stel dat we in een helikopter en flink stuk boven het arbolandschap van inzetbaarheid, verzuim en arbeidsongeschiktheid gaan vliegen, dan zien we een soort van tweedeling in belangen ontstaan. De belangen van de dienstverleners die aangeven dat zij de Wet verbetering poortwachter belangrijker vinden dan de AVG, ondersteund door juristen die met 658 en 660 BW in de hand vinden dat de AP het verkeerd ziet. Reuze interessant want op deze manier suggereer je dat er sprake is van ‘een zienswijze’ die verschillend kan zijn. En in dergelijke plausibele logica schuilt exact het risico van de visie op de toekomstige arbodienstverlening, die moet wel passen binnen het huidige bedrijfsmodel, het verdienmodel, etc. Ik zal het proberen in een stelling samen te vatten:

“De uitdaging van de huidige arbodienstverlening is niet dat het niet goed is, maar dat het in zijn huidige vorm niet de ruimte biedt die de noodzakelijke vernieuwing nodig heeft”.

De belangrijkste oorzaak is dat de door de AVG noodzakelijke geworden innovatie van de arbodienstverlening dus erg kan worden beperkt wanneer deze (innovatie) per definitie ondergeschikt is aan de bedrijfsvoering en het verdienmodel en niet gerelateerd aan de mogelijkheden (qua marktwerking en/of wetgeving).

En aan de andere kant hebben we ‘de markt: organisaties, werkgevers en werknemers. In zekere zin zijn zij (mede door wettelijke kaders) afhankelijk gemaakt van het aanbod op de arbomarkt en tegelijkertijd worden zij door de nieuwe AVG voor 95% ‘blind’ gemaakt waar het verzuim en arbeidsongeschiktheid betreft. Je zou eigenlijk best kunnen stellen dat de AVG de werkgever van de werknemers met betrekking tot deze onderwerpen amputeert.

De criticasters zullen roepen: ‘Kijk en juist daarom moet de wet aangepast worden en daarom is er ook een zwaarwegende juridische grondslag om de WVP, 658 en 660 BW te laten prevaleren’. Probleem is echter dat de AVG geen zienswijze van de AP betreft en Nederland slechts een klein  takje van een grote Europese boom is. En ik schat zo in dat de Europese baasjes Juncker en Tusk geen uitzondering voor Nederland zullen gaan maken.

Financiële black box

Maar de AVG heeft ook nog een andere bijwerking: werkgevers worden straks ook minimaal extreem bijziend en eerder stekeblind waar het de nota’s van interventies, preventie etc. betreft. Privacygevoelig notaverkeer en zeker wanneer dit gezondheidsgegevens bevat, mag immers absoluut niet meer richting een werknemer herleidbaar zijn. Het wordt heel spannend hoe werkgevers en organisaties op deze financiële ontwikkeling zullen gaan reageren. Zullen ze een soort van ‘blanco’ nota’s gaan betalen, zullen ze hun portemonnee aan de arbodienst of andere dienstverlener gaan geven?

Momenteel zijn er verschillende grote werkgevers (2.500+ werknemers) die laten onderzoeken of de factuurstroom via de zorgverzekeraar kan gaan lopen. Hoe je ook wendt of keert, voor de werkgevers ontstaat er een soort van financiële black box die menig controller toch wat denkrimpels zal bezorgen; een interne geldstroom die alleen onder indirecte controle extern wordt ingericht. Een ander aspect is de aansprakelijkheid die de werkgever raakt: die wordt immers door de AP op het matje geroepen wanneer de arbodiensten hun gelijk voor hun standpunt  willen halen (WVP boven AVG). Welke grote werkgever voelt zich geroepen om als proefkonijn te gaan dienen?

Innovatieve arbomodellen

Mijn inschatting is dat werkgevers (de grote het eerst en de rest volgt) de AVG-risico’s z.s.m. zullen willen beperken en het toezicht op hun geldstromen in eigen hand willen houden. Iedereen met nieuwe innovatieve arbomodellen 2.0 gaat ongekend grote kansen krijgen. Hoe dat moet? Kijk naar de opzet van de oude bedrijfsverenigingen. Mijn voorspelling is dat heel veel werkgevers van eigen regie naar zelfregie zullen gaan en de arbodienstverlening binnen de nieuwe kaders van de AVG volledig zelf gaan organiseren. Hoe dat werkt? Vraag ons nieuwe boekje Regie op Inzetbaarheid op of kom naar de Zomermarkt: op donderdag 28 mei zijn er nog een paar plaatsen vrij.

Wie weet tot ziens!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *